Nov
19
2014

3D documentatie workflow: gegevens vastleggen met een laserscanner, scangegevens verwerken met bijbehorende software en veilig delen van gegevens in de cloud

FARO-14004 Anzeige SCENE_5_FINAL

Een scanner alleen levert niet zoveel op – met de software SCENE van FARO kunnen de op de set geregistreerde scangegevens verder worden verwerkt en met de hosting service wereldwijd veilig worden gedeeld.

FARO is een producent van draagbare 3D-meettechniek, die de software SCENE speciaal voor de laserscanner FARO Focus3D ontwikkeld heeft. De software SCENE is echter niet beperkt tot de laserscanners van FARO, maar kan ook met andere merken laserscanners worden gecombineerd.

Met de software kan de gebruiker met behulp van automatische scanregistratie- en positioneringsmethoden de fotorealistische scangegevens van de laserscanner bewerken en vervolgens metingen en 3D-visualiseringen uitvoeren en puntenwolken exporteren. Nieuwe tools zorgen voor een automatische scanpositionering zonder dat het gebruik van kunstmatige targets vereist is, zoals schaakbordmarkeringen of bollen. Het aantal functies van de software kan naar believen uitgebreid worden met plug-ins uit het FARO 3D App Center voor bijvoorbeeld het maken van een video, voor volumeberekeningen en veel meer. Tegelijkertijd heeft FARO de nieuwe versie 1.6 van de scangegevens-hostingservice SCENE WebShare Cloud uitgebracht: hiermee kunnen scanprojecten online worden bekeken, gedeeld en gepubliceerd. En dat alles met de hoogst mogelijke veiligheidsnormen.

SCENE is compatibel met Windows vanaf versie 7 in 64-bits, voor een optimale performance is daarnaast minstens een 512 MB grafische kaart met OpenGL-2.0-interface vereist. Voor stereoscopische weergave adviseert FARO een Nvidia-kaart van de Quadro-klasse. SCENE gebruikt de fabrikant-onafhankelijke, binaire bestandsindeling voor gegevensuitwisseling ASTM E57, daarnaast ondersteunt de tool alle gangbare bestandsindelingen.

Hoeveel laserscanners moeten gebruikt worden voor een kwalitatief hoogwaardig scanmodel, ook in verband met de omvang?
Oliver Bürkler: De gewenste mate van detaillering van een scan is altijd maatgevend. Hoe nauwkeuriger en hoe hoger de resolutie van een scan moet zijn, hoe meer tijd de scanner nodig heeft om de gegevens op te nemen. Wij spreken hier van maximaal 15 minuten voor een zeer gedetailleerde scan in het buitengebied in een straal van 330 meter. Hoe groter en complexer het te scannen object is, bijvoorbeeld een groot en hoekig gebouw, hoe vaker gescand moet worden om alle oppervlakken vast te leggen. Daarom kan het gebruik van meerdere parallel toegepaste apparaten tijdelijk nuttig zijn, dit is echter niet absoluut noodzakelijk. Wat SCENE betreft kan de software zonder beperkingen met projecten van elke omvang omgaan en worden deze projecten onbeperkt afgebeeld.

Hoe slaat de scanner de gegevens op?
Oliver Bürkler: De scanner slaat de scangegevens automatisch op een normale SD-kaart op. Als op een pc SCENE-software geïnstalleerd is, start de gegevensoverdracht na een korte bevestigingsvraag direct nadat de SD-kaart geplaatst is.

Voor een automatische scanpositionering zonder markeringen zijn de “top-view“-gebaseerde registratie evenals de “cloud-to-cloud“-registratie beschikbaar. Welke methode is geschikt voor welke situatie?
Oliver Bürkler: De “cloud-to-cloud“-registratie gebruikt de complete scangegevens voor de registratie. Om betrouwbaar te kunnen werken, heeft dit type registratie startinformatie nodig over de globale positie en richting van de scan. In het buitengebied gebruikt SCENE daarvoor de per scan opgeslagen gps-informatie van de scanner. Zonder deze informatie, bijvoorbeeld in binnenruimtes, moet de gebruiker de scans grofweg vooraf handmatig instellen. In tegenstelling tot de registratie op basis van “top-view“ is voor deze methode wel wat meer tijd nodig, maar is deze ook nauwkeuriger. Voor de registratie op basis van “top-view“ is informatie vooraf over positie en richting niet vereist. Deze methode is bijzonder goed geschikt als voldoende verticale structuren, zoals bijvoorbeeld muren, in de scangegevens aanwezig zijn. Bij targetloze methodes moet de gebruiker echter zorgen voor grotere overlapping tussen de afzonderlijke scanstandpunten. Er zijn dus meer scanposities nodig, maar er wordt tijd bespaard die nodig is voor het transport, aanbrengen en beheren van de targets.

In welke gebruikssituaties is het gebruik van targets nog steeds noodzakelijk?
Oliver Bürkler: SCENE ondersteunt als targets nog steeds bollen en vlakke schaakbord-targets. Meestal zal de gebruiker nog altijd targets willen gebruiken, als hij de scans bijvoorbeeld met tachymetergegevens wil georefereren. Welke type target het best geschikt is, is van het individuele geval afhankelijk.

In welke bestandsindelingen kunnen gegevens zoals beeldgegevens, CAD-tekeningen of kaarten in de scangegevens opgenomen worden?
Oliver Bürkler: De gebruiker kan bestanden met de indelingen .tiff, Geotiff, .jpg of .png in SCENE importeren. Vervolgens geeft de software het bestand op een horizontaal vlak in de 3D-ruimte weer. Bij een Geotiff-bestand wordt de positie en de schaal automatisch uit de metagegevens geëxtraheerd. Bij de andere bestandsindelingen moet de gebruiker de positie en de schaal van het beeld bijvoorbeeld invoeren via een dialoogvenster.

Functioneert stereo-3D-viewing in alle situaties in realtime?
Oliver Bürkler: De output van een stereoscopisch 3D-weergave kan in de 3D-instellingen van SCENE eenvoudig gedefinieerd worden. Dan is een stereoscopisch weergave altijd zonder vertraging mogelijk.

Is SCENE WebShare Cloud standaard geïntegreerd in de software, of is het een optionele feature?
Oliver Bürkler: Het is een optionele service van FARO, wat betreft de techniek is het echter volledig geïntegreerd in SCENE. Voordelen van de cloud-service zijn het eenvoudig inzien van scangegevens in standaard webbrowsers evenals het beschikbaar stellen van gegevens in elke gewenste grootte. De gebruikers hebben er geen speciale software voor nodig. De scans worden bovendien als panoramabeelden weergegeven, zodat ook kennis van 3D-programma’s niet vereist is. Dat maakt het bij complexe projecten bijzonder eenvoudig om alle betrokkenen toegang tot de gegevens te verschaffen; en dat alles zonder vertraging. Ook wijzigingen aan het project worden in realtime zichtbaar. Daarbij kan gekozen worden voor het openbaar maken van de gegevens, of voor het beperken van de toegang met een gebruikersnaam en wachtwoord.

Is zo ook een webgebaseerde samenwerking aan het model mogelijk?
Oliver Bürkler: Ook dat is mogelijk. Wij adviseren echter als meerdere personen tegelijkertijd werken, om daarvoor een online vergadersysteem te gebruiken zoals GotoMeeting of WebEx. Dat maakt de samenwerking effectiever.

U biedt ook een gratis versie aan van SCENE met de naam Scenect. Voor welke doelgroep is die bedoeld?
Oliver Bürkler: Met Scenect richten wij ons op diegenen die geen typische professionele gebruikers van 3D-scanners zijn, om hen zo een eenvoudige start met 3D-scanning te kunnen bieden. Daarvoor zijn slechts goedkope sensoren vereist, zoals de Asus Xtion of de Microsoft Kinect. Er kan echter maar één sensor tegelijk gebruikt worden met Scenect.

Is er binnenkort ook een Mac- of Linux-versie van SCENE gepland?
Oliver Bürkler: In de nabije toekomst zullen er geen andere besturingssysteemversies van de software komen. SCENE WebShare Cloud is daarentegen volledig onafhankelijk van het besturingssysteem bruikbaar.

Toine van Beugen

Toine van Beugen

Regional Manager FARO Benelux | toine.van-beugen@faroeurope.com

More Posts

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *